Met documenten werken

Met documenten werken

Gebruik Polaris Office om Microsoft Office Word (.doc en .docx), Microsoft Office Excel (.xls en .xlsx), Microsoft Office PowerPoint (.ppt en .pptx) en gewone tekstbestanden (.txt) onderweg weer te geven.
Tip: Je kunt ook Microsoft Office PowerPoint Shows (.pps) weergeven.
Tik in het beginscherm op > Polaris Office.

Een document bekijken

Ga in het hoofdscherm van Polaris Office naar het gewenste bestand en open het.
Tip: Tik terwijl je de lijst van bestanden bekijkt op om de lijst te vernieuwen of te sorteren.

Een document aanmaken

  1. Tik in het hoofdscherm van Polaris Office op > Nieuw.
  2. Selecteer het bestandstype dat je wilt maken.
  3. Begin te typen.
  4. Tik op om de instellingen op te slaan.

Een document bewerken

  1. Ga in het hoofdscherm van Polaris Office naar het bestand dat je wilt bewerken en open het.
  2. Voer een van de volgende handelingen uit:
    • Als het bestand een Microsoft Office Word-document, een Microsoft Office PowerPoint-presentatie of een gewoon tekstdocument is, druk je op .
    • Als je bestand een Microsoft Office Excel-document is, tik je in een cel en voer je de wijzigingen in het tekstvak in.
  3. Schuif over de werkbalk onderaan om te kiezen uit de verschillende bewerkingsfuncties.
    Opmerking: Als je de werkbalk niet ziet, tik je op > Werkbalk aan.
  4. Als je klaar bent met het aanbrengen van je wijzigingen, druk je op en tik je op Opslaan of op Opslaan als.

Een presentatie bewerken

  1. Met de Microsoft Office PowerPoint-presentatie open, tik je op .
  2. Tik op om de andere dia's weer te geven en tik op de dia die je wilt bewerken.
  3. Voer een van de volgende handelingen uit:
    • Om een dia toe te voegen, tik je op en kiest vervolgens een opmaak.
    • Om tekst te bewerken, tik je tweemaal op een tekstvak in de presentatie.
    • Om de grootte van een afbeelding of een tekstvak te wijzigen, tik je erop en sleept vervolgens .
    • Met de werkbalk onderaan kun je de presentatie verder bewerken.
  4. Tik op om een voorbeeld van de presentatie te bekijken.
  5. Tik op en op Opslaan of Opslaan als.

Een werkblad bewerken

  1. Met het Microsoft Excel-bestand open, tik je op een cel in het werkblad.
  2. Voer een van de volgende handelingen uit:
    • Tik op de formulebalk en voer tekst, cijfers of symbolen in.
    • Om een functie te openen, tik je op .
    • Als je meerdere cellen wilt selecteren, tik je op een cel en sleept .
    • Om de opmaak van tekst of numerieke waarden te wijzigen, tik je op een cel en tikt op > Opmaak.
    • Om een ​​grafiek in te voegen, selecteer je de gegevens die je in de grafiek wilt opnemen en tikt op > Invoegen > Grafiek.
    • Met de werkbalk onderaan het scherm kun je het werkblad verder bewerken.
  3. Tik op en op Opslaan of Opslaan als.
0 mensen vonden dit bruikbaar